Pensioen: Loon voor Later
Pensioen: Loon voor Later
Pensioen wordt meestal niet beschouwd als het meest sexy onderwerp, maar het is wel echt belangrijk. En binnenkort gaan we over naar een nieuw pensioenstelsel. Dat brengt veranderingen met zich mee. Om die redenen gaan we tot en met de zomer een reeks artikelen plaatsen over pensioen onder het kopje Loon voor Later.
Dit artikel staat stil bij wat pensioen is, hoe het in Nederland werkt en hoe de Hibin-regeling eruitziet. Daarna komen in ieder geval de volgende onderwerpen aan de orde:
- waarom een nieuw pensioenstelsel;
- de nieuwe pensioenregeling Hibin;
- de tijdlijn;
- compensatie voor wie?;
- wat verandert er voor de werkgever en wat voor de werknemer;
- aandachtspunten zoals premiefacturatie.
Ons pensioenstelsel
De oudedagsvoorziening in Nederland is gebaseerd op drie onderdelen:
- AOW (Algemene Ouderdomswet);
- pensioen via werk opgebouwd;
- eigen geld.
De AOW is de Nederlandse basispensioenregeling van de overheid. Iedereen die in Nederland woont of werkt, bouwt in principe AOW op. Vanaf de AOW-leeftijd ontvang je maandelijks een uitkering van de overheid via de Sociale Verzekeringsbank (SVB). De hoogte van de AOW hangt onder meer af van de vraag of je alleen woont of samenwoont en hoeveel jaren je in Nederland verzekerd bent geweest.
De AOW-leeftijd – het moment waarop je pensioen krijgt van de overheid – is afhankelijk van de levensverwachting in Nederland. Naar verwachting gaat deze over een paar jaar stijgen. De AOW-bedragen zijn per 1 januari 2026 als volgt bij een volledige AOW-opbouw:
Alleenstaand:
- bruto: € 1.637,57 per maand;
- netto: ongeveer € 1.558,15 per maand (met loonheffingskorting).
Getrouwd of samenwonend:
- bruto: € 1.122,12 per persoon per maand;
- netto: ongeveer € 1.067,70 per persoon per maand (met loonheffingskorting).
Pensioen bouw je op via werk of regelt een medewerker zelf als de werkgever geen regeling aanbiedt. In onze branche is de werkgever verplicht pensioenpremie af te dragen aan het Bedrijfstakpensioenfonds (Bpf) HiBiN. Hoe dat zit lees je hier.
De werknemer draagt één derde van de pensioenpremie bij en de rest betaalt de werkgever. De premie bedraagt 25,35% van het pensioengevend loon. Het pensioengevend loon is het brutoloon van de werknemer minus de franchise. Die bedraagt op dit moment € 17.283,00.
Verdient een medewerker meer dan € 57.070,00 per jaar, dan wordt daar geen pensioenpremie over betaald, tenzij de werkgever een zogeheten excedentregeling aanbiedt.
Mocht iemand willen weten hoe het gaat met zijn pensioenopbouw, kijk dan op mijnpensioenoverzicht.nl.
Het derde onderdeel is het opbouwen van eigen (pensioen)vermogen. Dat kan op allerlei manieren, zoals sparen, beleggen, een eigen excedentregeling, een eigen huis, et cetera. Dit onderdeel is helemaal aan de medewerker zelf. Soms kan financieel advies helpen om de financiën voor later beter op orde te krijgen.
Voor informatie over pensioen kun je terecht op de pensioenpagina van Hibin. Voor de meest uitgebreide informatie kijk je op de website van Bpf HiBiN.